NL | EN

Haven Rotterdam realiseert kwart van de totale nationale ambitie voor 2030

Sjaak Poppe van Havenbedrijf Rotterdam legt uit hoe gezamenlijke CO2-reducerende projecten zorgen voor twintig tot vijfentwintig procent van de ambitie die Nederland heeft voor 2030.

Voor welke uitdaging staat de haven van Rotterdam?

“De haven van Rotterdam is geen gewone haven, maar een combinatie van een haven en een industriecomplex. Dat maakt de haven anders dan bijvoorbeeld die van Hamburg, die meer een overslaghaven is. De industrie in Rotterdam zorgt voor 16 procent van alle CO2 in Nederland. Dat is veel. Toch schuilt in die hele grote concentratie van industrie een kans. Kansen die je ergens anders niet hebt. We werken op dit complex gezamenlijk aan projecten die twintig tot vijfentwintig procent van de ambitie voor 2030 gaan realiseren. Tel daar de sluiting van kolencentrales bij op, en dan praten we over een reductie van veertig procent in tien jaar tijd. Dat we CO2-neutraal moeten worden, is een gegeven. De wetenschappelijke bewijzen worden immers steeds overtuigender. Het slechtste wat je kunt doen is minder gaan produceren en meer importeren. Op papier stoot je als land dan minder CO2 uit, maar het klimaat schiet daar natuurlijk niks mee op.”

Hoe groot is in het Rotterdamse havengebied het spanningsveld tussen verduurzaming en werkgelegenheid?

“De haven is direct en indirect goed voor 385.000 banen. We zijn ervan overtuigd dat we de CO2-uitstoot kunnen terugdringen en tegelijkertijd de werkgelegenheid in stand kunnen houden. Nieuwe technologie kan vaak nog niet concurreren met bestaande fossiele productie. Dus is de vraag: waar ligt de rekening? Daar moet je als samenleving in investeren met subsidies, totdat de techniek is doorontwikkeld. Dat gebeurde met windenergie, zonnepanelen en inmiddels ook met waterstof. Gelukkig zie je bij bedrijven een bereidheid om te investeren. Als een chemieconcern met een investering van €150 miljoen bereikt dat er twintig procent minder energie nodig is om hetzelfde product te maken, dan is dat een investering die zich terugverdient. Energiebesparing gaat dan gelijk op met economische groei.”

Hoe is de samenwerking tussen de verschillende stakeholders?

“Er is anderhalf jaar geleden een regionaal plan gemaakt met bedrijven, overheden, NGO’s en wetenschappers. Hierin is geschetst langs welke lijnen het industriecomplex wordt verduurzaamd. Het resultaat is een gemeenschappelijk gedragen visie. Veel projecten vragen om een coalitie van partijen die niet eerder hebben samengewerkt. Dit proces verloopt natuurlijk en vraagt niet om centrale coördinatie. Wat er gebeurt is dat er actief wordt gezocht naar waar de expertise zit die nodig is om samen te vergroenen. Zo ontstaan projecten door een coalition of the willing: een samenwerkingsverband van partijen die samen iets rond willen krijgen. Door samen te werken, ontstaan de grootste kansen. Er zijn namelijk doorgaans geen kant en klare businesscases. Dit komt omdat we in Europa vooroplopen met onze activiteiten. Bedrijven in Rotterdam gebruiken veel nieuwe technologieën, bijvoorbeeld voor de productie van waterstof en circulaire systemen. Dit maakt het vergroenen van de haven anders dan bijvoorbeeld de bouw van een elektriciteitscentrale of een boorplatform, waarvan de businesscase van tevoren bekend is.”

Op welk Rotterdams project mag Nederland trots zijn?

“Als ik één van de vele projecten mag noemen, dan is dat het project carbon capture and storage. Hierbij vangen we CO2 af en slaan dit op. Hoe dat werkt? Bij verbrandingsprocessen en waterstofproductie komt CO2 vrij. Die vangen we op en transporteren we via een pijp naar een leeg gasveld in de Noordzee, 25 kilometer uit de kust van Hoek van Holland. Het voordeel van opslag onder de Noordzee is dat er geen zorgen zijn in de woonomgeving. De CO2 is opgeslagen op drie kilometer diepte, waar het zich aan het gesteente hecht en consolideert. Ik noem dit project, omdat het gelijk resultaat oplevert. Bij energietransitie kijken we vaak naar langlopende ontwikkelingen, zoals groene waterstof en scheepvaart op stroom. Maar om klimaatverandering tegen te gaan, moet ze zo snel mogelijk de uitstoot van CO2 naar de atmosfeer terugdringen.”